Laatst bijgewerkt: 25 september 2026
Bijna elke ouder heeft het over "de Cito-toets" in groep 8. Logisch: Cito was jarenlang de enige aanbieder en de naam is gewoon ingeburgerd geraakt. Maar sinds de Eindtoets is vervangen door de doorstroomtoets, kiest elke basisschool zelf uit meerdere officiële aanbieders — en dat hoeft dus helemaal geen Cito te zijn. Dit artikel legt uit welke toetsen er zijn, waarin ze verschillen, en waarom dat voor de uitslag van je kind eigenlijk weinig uitmaakt.
Zes officiële aanbieders, één regelgeving
Een school mag niet zomaar elke toets gebruiken; alleen toetsen die door de overheid zijn goedgekeurd tellen mee als officiële doorstroomtoets. Op dit moment zijn dat er zes:
| Toets | Aanbieder |
|---|---|
| Leerling in Beeld | Cito |
| IEP-doorstroomtoets | Bureau ICE |
| Route 8 | A-VISION |
| AMN-doorstroomtoets | AMN |
| DIA-toets | Diataal |
| DOE | Rijksoverheid |
Elke school kiest hier zelf jaarlijks uit, meestal in het najaar voorafgaand aan het toetsjaar. Dat betekent dat de toets van jaar tot jaar kan wisselen — ook binnen dezelfde school, en dus soms ook tussen een oudere en een jongere broer of zus.
Wat de verschillen praktisch betekenen
De toetsen meten grofweg dezelfde vaardigheden (rekenen, taal, lezen), maar verschillen in vorm:
- Papier of digitaal. Sommige toetsen kunnen op papier, andere alleen digitaal op computer of tablet.
- Adaptief of lineair. Bij een adaptieve toets past de moeilijkheidsgraad zich tijdens het maken aan: een goed antwoord levert een lastigere vervolgvraag op, een fout antwoord juist een makkelijkere. Bij een lineaire toets krijgt elk kind vooraf dezelfde vaste vragenset, ongeacht hoe het gaat.
- Duur. Tussen de 2,5 en 4 uur, meestal verspreid over een paar ochtenden.
- Extra onderdelen. Route 8 heeft bijvoorbeeld een optioneel deel over sociaal-emotioneel functioneren en toekomstperspectief, naast de kennisvragen.
Ongeacht welke toets: dezelfde oefenstof
Wat er getoetst wordt verschilt nauwelijks per aanbieder. Oefen de rekenstof gericht met rekenen groep 8, welke toets je school ook kiest.
Waarom de naam eigenlijk niet uitmaakt voor de uitslag
Dit is het belangrijkste om te onthouden: ongeacht welke van de zes toetsen je kind maakt, geldt overal dezelfde landelijke regel. Het voorlopige schooladvies van de leerkracht komt eerst, en de toets kan dat advies alleen naar boven bijstellen — nooit naar beneden. Dat geldt voor Cito precies zo als voor IEP, Route 8 of elke andere aanbieder. Hoe dat proces precies werkt, en wat je kunt doen als je het niet eens bent met de uitkomst, lees je in doorstroomtoets en schooladvies: zo werkt het precies.
Hoe kom je erachter welke toets jouw school gebruikt?
Er is geen landelijke lijst waarin je kunt opzoeken welke school welke toets gebruikt — dat is aan de school zelf. De snelste manier: vraag het na bij de leerkracht van groep 8, of kijk in de schoolgids. Scholen laten dit vaak ook weten tijdens een informatieavond aan het begin van het schooljaar.
Meer algemene voorbereidingstips, ongeacht welke toets je kind maakt, staan in Cito oefenen: zo bereid je je kind voor. Is je kind zichtbaar gespannen bij de gedachte aan de toets, lees dan Cito-toetsangst bij je kind.
Veelgestelde vragen over de doorstroomtoets-aanbieders
Is 'de Cito-toets' altijd de toets die mijn kind maakt?
Niet per se. "Cito" is de bekendste naam en wordt daardoor vaak gebruikt voor elke doorstroomtoets, maar er zijn zes officieel toegestane aanbieders. Jouw school kiest er zelf één, en dat hoeft niet Cito te zijn.
Wat betekent een adaptieve toets?
Bij een adaptieve toets past de moeilijkheidsgraad van de vragen zich tijdens het maken aan: een goed antwoord levert een lastigere vervolgvraag op, een fout antwoord een makkelijkere. Bij een lineaire toets krijgt elk kind vooraf dezelfde vaste set vragen.
Maakt het uit welke doorstroomtoets mijn kind maakt voor het schooladvies?
Voor de regels rond het advies niet: ongeacht welke toets een school kiest, geldt overal dezelfde landelijke regel dat het advies er alleen door omhoog kan gaan, nooit omlaag. De toetsen verschillen wel in vorm, duur en inhoud.
Hoe kom ik erachter welke doorstroomtoets de school van mijn kind gebruikt?
Vraag het na bij de leerkracht of in de schoolgids. Scholen kiezen dit elk najaar opnieuw, dus het kan van jaar tot jaar verschillen — ook als een oudere broer of zus een andere toets maakte.