← Alle werkbladen

Stuur het mee naar huis

Kopieer deze tekst in Parro, Social Schools of de klassenapp, zodat ouders thuis verder kunnen oefenen:

kortelessen.nl/r6
Online verder oefenen: scan hiernaast

Redactiesommen groep 6

Naam: ____________________Datum: ____________Goed: ____ / 12
1. Een pak melk kost € 1,15. Meneer De Vries koopt er 6. Hij betaalt met € 10. Hoeveel krijgt hij terug?
2. In de bibliotheek staan 24 kasten met elk 135 boeken. Hoeveel boeken zijn dat samen?
3. Een film duurt 95 minuten en begint om 14.20 uur. Hoe laat is de film afgelopen?
4. Groep 6 gaat op schoolreis met 87 kinderen. In elke bus passen 40 kinderen. Hoeveel bussen zijn er nodig?
5. Een fietsenmaker repareert 8 fietsen per dag en werkt 5 dagen per week. Hoeveel fietsen repareert hij in 4 weken?
6. Sanne heeft € 28 gespaard en spaart € 3,50 per week. Na hoeveel weken kan ze een step van € 63 kopen?
7. Een zwembad is 25 meter lang. Tim zwemt 14 baantjes. Hoeveel meter heeft hij gezwommen?
8. Op het schoolplein liggen 480 tegels. Een kwart daarvan is kapot. Hoeveel tegels zijn nog heel?
9. Een doos bevat 144 potloden. De juf verdeelt ze eerlijk over 12 tafelgroepen. Hoeveel potloden krijgt elke groep?
10. Vader tankt 45 liter benzine. Een liter kost € 1,80. Hoeveel betaalt hij?
11. Een trein rijdt 120 kilometer per uur. Hoeveel kilometer rijdt de trein in drie kwartier?
12. In een theater staan 18 rijen met 26 stoelen. Er zijn 412 kaartjes verkocht. Hoeveel stoelen blijven leeg?
kortelessen.nl/werkbladen

Antwoorden — Redactiesommen groep 6

1. Een pak melk kost € 1,15. Meneer De Vries koopt er 6. Hij betaalt met € 10. Hoeveel krijgt hij terug? € 3,10
2. In de bibliotheek staan 24 kasten met elk 135 boeken. Hoeveel boeken zijn dat samen? 3240 boeken
3. Een film duurt 95 minuten en begint om 14.20 uur. Hoe laat is de film afgelopen? 15.55 uur
4. Groep 6 gaat op schoolreis met 87 kinderen. In elke bus passen 40 kinderen. Hoeveel bussen zijn er nodig? 3 bussen
5. Een fietsenmaker repareert 8 fietsen per dag en werkt 5 dagen per week. Hoeveel fietsen repareert hij in 4 weken? 160 fietsen
6. Sanne heeft € 28 gespaard en spaart € 3,50 per week. Na hoeveel weken kan ze een step van € 63 kopen? 10 weken
7. Een zwembad is 25 meter lang. Tim zwemt 14 baantjes. Hoeveel meter heeft hij gezwommen? 350 meter
8. Op het schoolplein liggen 480 tegels. Een kwart daarvan is kapot. Hoeveel tegels zijn nog heel? 360 tegels
9. Een doos bevat 144 potloden. De juf verdeelt ze eerlijk over 12 tafelgroepen. Hoeveel potloden krijgt elke groep? 12 potloden
10. Vader tankt 45 liter benzine. Een liter kost € 1,80. Hoeveel betaalt hij? € 81,00
11. Een trein rijdt 120 kilometer per uur. Hoeveel kilometer rijdt de trein in drie kwartier? 90 kilometer
12. In een theater staan 18 rijen met 26 stoelen. Er zijn 412 kaartjes verkocht. Hoeveel stoelen blijven leeg? 56 stoelen
Voor de leerkracht — Laat kinderen eerst opschrijven wát er gevraagd wordt, pas daarna rekenen.

Ditzelfde blad met andere sommen: kortelessen.nl/maak · online verder oefenen: kortelessen.nl/r6 (staat als QR-code op het werkblad) · kant-en-klaar berichtje voor de ouders: op de pagina van dit werkblad.